StukjeZeilen

| Werkplaats |Timelapse |DeBouwers |Zeilen |Links |Contact | |





Hier onder een leuk stuk wat is geschreven door Maarten Bakker in het clubblad van de CTC in maart 2014 (nr 245)
PDF

Farrier F-32 AX krijgt vorm in een oude kazerne in het bos


Samen bouwen aan een boot,gewoon doen


Twee zeilvrienden bouwen samen een boot, om te varen op het Wad en verder. Voor het eerst van hun leven bouwen en voor het eerst een multihull. Zomaar ergens midden in het land. Maarten zoekt hen op.


Het hek met de wachthokjes voor de voormalige kazerne in Ede ziet eruit alsof de militairen het terrein nog maar net verlaten hebben. Waar voorheen de paarden en tanks van 's lands cavalerie en infanterie gehuisvest waren, midden in het Veluwse bos aan de oostkant van Ede, staan nu nog een aantal imposante 19e eeuwse gebouwen, loodsen en stallen. In een van die gebouwen vonden Rinnert van Batenburg en Martin de Klerk onderdak voor hun bouwproject. Het is een bijzondere locatie en die is heel bewust gekozen want Martin woont in Utrecht en Rinnert in Wolfheze. Het oude kazerneterrein ligt centraal en biedt heel betaalbare bouwruimte voor ongeveer 20 euro per m2 per jaar.

Het stuk in het gebouw waar zij de beschikking over hebben meet 9,40 bij 7 meter. Net te klein voor de hoofdromp in de lengte maar diagonaal past hij er goed in. In de ruimte ernaast hangen de drijvers, reeds klaar en mooi wit gespoten in Double coat van de IJssel, aan het plafond. Elke vierkante meter van het stukje loods is in gebruik. De eerste helft van de hoofdromp is klaar en hangt boven de tweede helft waar ze nu aan bouwen, ernaast in de hoek staat een door zeilen afgedekte werkplek met de gladde tafel, de glas en epoxy-hoek. Daar worden ook de panelen geproduceerd. Door met plastic delen van de ruimte af te scheiden kun je plaatselijk de temperatuur omhoog krijgen zonder de hele loods te verwarmen.

Wadkrabben


Beiden heren hebben een achtergrond in HTS scheepsbouw, Rinnert werkt bij het onderzoeksinstituut Marin en Martin verlegt zijn professie meer naar civiele techniek en gebouwbeheer. Hun technische ervaring en focus speelde een belangrijke rol in de rationalisering van hun keuze voor het type schip, de trimaran, en de bouwmethode. Ze zeilden in hun jeugd allebei, in verschillende schepen. Martin zeilde veel met een Waarschip kwarttonner en platbodems en Rinnert, Fries van geboorte, zeilde veel met de 470. Onafhankelijk van elkaar, en later ook samen, zeilden ze op het Wad. De ervaringen met de geulen en

de platen prikkelde het denken over hoe het makkelijker en handiger zou kunnen. Zonder kiel bijvoorbeeld, want daar heb je eigenlijk alleen maar heel veel last van. De onvergetelijke verhalen van Hans Vandersmissen over het Wad konden ze dan ook dromen. En Martin was enthousiast over de Wadkrabber. Dat prachtige scheepje De bakboordromp komt

naar schetsen en ideeŽn van Vandersmissen, traditionele lijnen van Lambrechtsen en gebouwd door Rob Nijman. Maar Rinnert zocht naar iets sportievers en zijn vrouw Esther wilde een kajuitboot die voer als een 470 en toch ook droog kon vallen. Ze waren 'om'

Na een periode van overwegen en verkennen begon het echt te kriebelen en huurden ze een van de weinige trimarans die in Nederland te huur zijn. Om het uit te proberen. Na de kennismaking en een zeiltocht van een paar dagen met de tri, een Dragonfly 800, op het IJsselmeer waren ze om. Figuurlijk dan: totaal overdonderd over de snelheid en het plezierige zeilgedrag ondanks hier en daar wat achterstallig onderhoud. Zelfs met een paar gebroken zeillatten liep het scheepje elke dag wel even meer dan 12 knopen. Het meest indrukwekkend vonden ze het vermogen van de trimaran om windvlagen om te zetten in snelheid in plaats van scheef te hangen en uit het roer te lopen zoals ze van de monohull gewend waren. Het besluit stond vast: het wordt een trimaran maar wel groot genoeg om er met een gezin op te kunnen bivakkeren. Gedegen onderzoek volgde en uiteindelijk kozen ze na veel wikken en wegen ze voor de F-32 AX, de brede variant, een enorme boot maar nog altijd trailerbaar en in de uitvoering zonder de achterkajuit. Dat laatste creŽert namelijk substantieel meer beschikbare kubieke meters in zowel de hoofdkajuit (bijvoorbeeld voor de navigatietafel) als de kuip die in deze uitvoering 87 centimeter langer is. Toch heeft de slaapplaats onder de kuip nog steeds een acceptabele omvang.

Perfectionisme


We bespreken het bouwinstructieboek van Farrier. "Een waar kunstwerk/'zegt Martin, en dat is het is. iedereen die een van de bouwboeken van Farrier onder ogen heeft gehad, zal beseffen hoeveel tijd, energie en vakmanschap er in de ontelbare gekleurde tekeningen, teksten en 3D-illustraties verborgen zit. Werkelijk elke detail is uitgewerkt. Indrukwekkend zeker, maar voor de ingenieurs is het wel eens wat teveel van het goede: "we zouden wel eens gewoon alleen een bouwtekening willen zien, dat is veel abstracter en voor ons makkelijker te lezen." De heren hebben ongelooflijk veel geleerd in de afgelopen periode. "Met elke stap evalueer je automatisch het proces en het resultaat. Je denkt voortdurend na over hoe je bouwklussen aanpakt en vervolgens stel je dat weer bij." Handigheidjes zoals een oven waar het schuim in een minuut op de juiste piek wordt voorverwarmd om makkelijk in de mal te kunnen buigen, ontwikkelen ze zelf. "En natuurlijk besef je achteraf dat je een volgende boot weer anders zou aanpakken." Niet dat ze dat van plan zijn. De F-32 AX is echt een grote boot. De bouw vergt volgens Farrier 3000 uur als je het efficiŽnt doet en dat kan oplopen naar 4000 uur of meer als je heel perfectionistisch bent. Naast een professie en een gezin neemt je dat behoorlijk in beslag en dat kan leiden tot een sociaal isolement. Daarom kozen ze er bewust voor om het met zijn tweeŽn te doen. Op die manier kun je er nog een sociaal leven op na houden zonder dat je je in duizend bochten moet wringen of mensen in je omgeving teleur moet stellen. Iets waar veel zelfbouwers mee worstelen. Dat was in ieder geval het uitgangspunt en in de praktijk valt het toch niet altijd mee. Wat ze doen, doen ze daarom zo efficient mogelijk.

Site


Zowel Martin als Rinnert waren niet bekend met de CTC en zijn dan ook geen lid. Wel kennen ze enkele CTC'ers die ook een Farrier bouwden of zeilen, zoals Tom en Cora, Pentcho en Arno. Ze nemen de meegebrachte clubmagazines gretig in ontvangst. En zij doen ook mee met de zelfbouwthema-avond op 22 maart. Maar het geeft te denken. Zelfbouw van multihulls doe je gewoon. Het is in elk opzicht kenmerkend voor de tijd van nu. Ook zonder CTC vindt je de juiste en benodigde informatie en kun je volstrekt verantwoord keuzes maken. Alle informatie is op internet te vinden. Ze hebben zelf ook een compacte praktische site met foto's, filmpjes en timelapses van langdurige bouwprocessen, net als al die andere bouwers. Informatief! Alles is digitaal te vinden en alles wat ze willen vertellen, doen ze op hun site. En toch zou het zomaar kunnen dat ze straks lid zijn van de club. De site van Rinnert en Martin is te vinden op stukjezeilen.nl. Een compacte site met onder andere een tiental informatieve fotofilmpjes (timelapses) van bouwprojecten.